Minder rotganzen door klimaatverandering

WAGENINGEN - Het aantal rotganzen in Nederland daalt. Volgens onderzoekers van het bureau Alterra van de Wageningen Universiteit heeft dat alles te maken met de wereldwijde klimaatverandering, waardoor in Noord-Siberië minder lemmingen worden geboren.

Lemmingen planten zich voort onder een beschermend sneeuwdek.

Maar als de sneeuw door hogere temperaturen telkens smelt en weer opvriest, ontstaat een ijslaag, die noodlottig is voor de lemmingen. Siberische lemmingjagers als de sneeuwuil, meeuwen en vossen vergrijpen zich vervolgens aan ganzeneieren en jonge ganzen om hun maag te vullen, zo is uit onderzoek gebleken.

Biodiversiteit

Alterra werkt samen met Russische onderzoekers in het Arctische gebied. Volgens wetenschapper Frank Berendse is onderzoek in de poolgebieden erg belangrijk, omdat daar nog veel natuur is die niet of nauwelijks door mensenhanden is aangeraakt. Volgens Berendse is de biodiversiteit in de wereld in grote mate afhankelijk van Arctische streken.

Jachtverbod

Rotganzen zijn sinds een jachtverbod in de jaren zeventig enorm in aantal toegenomen. De beesten landen meestal in grote groepen en veroorzaken veel schade aan landbouwgebieden. Agrariërs krijgen daar een vergoeding voor van het ministerie van Landbouw, omdat de rotgans een beschermd dier is. Voor het ministerie is daarom van belang te weten hoe groot de populatie jaarlijks zal zijn.

Middelste jager

De Wageningse onderzoekers stellen dat de ganzenpopulatie al met dertig procent is afgenomen. Alleen in 2005 waren er weer meer ganzen, omdat het toen ook een goed lemmingenjaar was. Veel lemmingen zijn overigens ook weer goed voor de vogelsoort middelste jager, want die komt alleen tot broeden als er zeer veel lemmingen te eten zijn.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie