AMSTERDAM - Een op de vier Amsterdammers heeft ooit in zijn leven een stemmings- of angststoornis doorgemaakt. Een op de 15 hoofdstedelingen lijdt hier momenteel aan. Beide stoornissen komen het meest voor bij Amsterdammers met een Turkse of Marokkaanse achtergrond. Dat maakte de GGD in Amsterdam maandag bekend.

Uit het onderzoek blijkt verder dat deze stoornissen het minst voorkomen bij Nederlanders, Surinamers en Antillianen in de hoofdstad. Angst en depressie komen het meest voor bij mensen tussen de 45 en 64 jaar, zo stelt de GGD. De grootste risicogroepen vormen hierbij Turkse vrouwen en Marokkaanse mannen.

Het onderzoek is in 2005 verricht door de GGD in samenwerking met drie GGZ-instellingen. Volgens een woordvoerder is nog niet duidelijk waarom juist mensen met een Turkse en Marokkaanse achtergrond worden getroffen door een stemmings- of angststoornis.

Onzekerheid

"Wij gaan daar nog onderzoek naar doen. Vermoedelijk speelt de migratieachtergrond een rol. Onzekerheid over het al dan niet terugkeren naar het moederland of langdurig heen en weer pendelen tussen Nederland en het moederland, en daarbij bijvoorbeeld de kinderen moeten missen, kunnen een probleem vormen. Dit is echter nog speculatief; we verwachten meer onderzoeksresultaten aan het einde van het jaar", aldus de GGD-woordvoerder.

Volgens de GGD heeft de geestelijke gezondheidszorg met redelijk succes de afgelopen jaren getracht om zoveel mogelijk etnische groepen te bereiken. Het onderzoek waarvan de resultaten nu gepresenteerd zijn, is het eerste dat zowel autochtone als allochtone groepen met psychische klachten onder de loep heeft genomen. Er is daarbij veel aandacht besteed aan mensen die slecht Nederlands spreken, onder meer door de inzet van interviewers die het Turks, Marokkaans of Berber machtig zijn.