DEN HAAG - Meer dan een op de drie (35 procent) van de Nederlanders met een hersenbloeding overlijdt binnen dertig dagen. Dat is meer dan het gemiddelde van de dertig geïndustrialiseerde OESO-landen.

Nederland doet het beter als het gaat om het snel opereren aan heupfracturen, zo blijkt uit een dinsdag verschenen rapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Vier van de vijf (80 procent) heupfracturen wordt binnen 48 uur geopereerd. Het OESO-gemiddelde is 69 procent.

Middenmoot

Uit het onderzoek blijkt verder dat de zorgkosten in Nederland sinds 2000 zijn gestegen tot 12,3 procent van het bruto binnenlands product. Vergeleken met de rest van Europa zit Nederland in de middenmoot.

Oostenrijk en de Scandinavische landen presteren meer voor minder geld, aldus het RIVM. Daar staat tegenover dat de Scandinavische landen met enorme wachtlijsten kampen, zei minister Hans Hoogervorst (Volksgezondheid) die het rapport Zorgbalans in ontvangst nam.

Hoogervorst zei blij te zijn met het onderzoek waarin het RIVM de gegevens over prestaties van de zorgsector verzamelde. Het is voor het eerst dat de 125 meetpunten, waarop onder meer de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) de sector afrekent, zo in kaart zijn gebracht.