WAGENINGEN - De aarde werkt mee aan zijn eigen broeikasprobleem. Volgens klimaatonderzoekers uit Nederland, Duitsland en Groot-Brittannië versnelt de opwarming van de aarde door broeikasgassen mede zelf dit opwarmingsproces.

"Broeikasgassen veroorzaken opwarming van de aarde, maar die opwarming leidt zelf weer tot een toename van de broeikasgasconcentraties, en dus tot nog meer opwarming", stelde onderzoeker Marten Scheffer van Wageningen Universiteit maandag.

Deze week publiceert hij samen met zijn Duitse en Britse teamgenoten de resultaten van het klimaatonderzoek in het wetenschappelijke tijdschrift Geophysical Research Letters.

Studie

Voor de studie heeft het team oud poolijs en groeiringen van bomen onderzocht. Met gegevens hieruit hebben zij veranderingen in het klimaat uit het verleden gereconstrueerd. De onderzoekers vonden daarbij dat in eerdere perioden tussen twee ijstijden de hoeveelheid koolstofdioxiden (CO2) in de atmosfeer net als nu hoger was dan tijdens de koudere eeuwen.

De mens had toen echter door bijvoorbeeld de uitstoot van deze broeikasgassen nog geen noemenswaardige invloed op de aarde. De warmere aarde zorgde er bijvoorbeeld voor dat algen, die CO2 opnemen, minder voeding hebben. Zodoende blijft er meer van dit gas in de lucht hangen.

Andersom werkt het proces ook. "Tijdens de 'Kleine IJstijd' (globaal van 1550 tot 1850), bekend van de vele klassieke Hollandse ijspretschilderijen, was de aarde kouder (waarschijnlijk voornamelijk ten gevolge van een verminderde zonneactiviteit), en daalde het CO2-gehalte van de atmosfeer", schrijft het onderzoeksteam.

Scenario's

Scheffer en zijn collega's vinden dat de scenario's voor de opwarming van de aarde aangepast moeten worden. Zij schatten dat de verwachtingen over de opwarming met ongeveer 50 procent naar boven moeten worden bijgesteld.