AMSTERDAM - De stormachtige ontwikkeling die plaatsvindt op het gebied van DNA-onderzoek heeft, in combinatie met de ontdekking van (deels) bewaard gebleven DNA in tal van fossielen, al diverse malen geleid tot speculaties dat het ooit mogelijk zal worden om uitgestorven dieren of planten ooit weer, via gereconstrueerd DNA, tot leven te wekken. Dat schrijft Kennislink .

Pogingen daartoe zijn nu nog tot mislukken gedoemd, omdat aangetroffen DNA (onder meer van dino’s, holenberen, maar ook Neanderthalers) zodanig beschadigd en incompleet was dat er weinig van over was. De ontwikkeling lijkt echter niet te stuiten, en de ‘wederopstanding’ van de wolharige mammoet (Mammuthus primigenius) lijkt zelfs niet langer helemaal ondenkbaar.

Effectief

De botten van een exemplaar dat afkomstig is uit Siberië en 27.000 jaar oud is, hebben namelijk bruikbaar materiaal opgeleverd. Volgens de leider van het onderzoeksteam, de geneticus Hendrik Poinar, is de door hen toegepaste techniek zo effectief dat hij al op korte termijn gebruikt kan worden om de volledige DNA-sequentie van uitgestorven organismen vast te stellen.

Daarmee zouden die organismen, in principe, weer kunnen ontstaan, ook al zal dat nog de nodige technische (en ethische) problemen met zich meebrengen.

Micro-organismen

Bij het door Poinar uitgevoerde onderzoek zijn trouwens ook grote sequenties (met in totaal 15 miljoen basenparen) van gefossiliseerde micro-organismen die op de mammoet werden aangetroffen, bepaald. Het gaat daarbij om bacteriën, schimmels, virussen, organismen uit de bodem en planten. Dat betekent dat niet alleen de fossiele macrofauna en -flora weer tot leven zouden kunnen worden gewekt, maar ook de daarbij behorende microben.

Deze sciencefictionachtige mogelijkheden worden nog reëler nu nieuwe generaties van apparatuur waarmee DNA-sequenties worden bepaald, steeds effectiever worden, en nu het ook steeds beter wordt om 'echt' DNA van verontreinigingen te onderscheiden. Doordat met de nieuwe technieken steeds grotere DNA-sequenties kunnen worden bepaald, wordt het ook steeds beter mogelijk om de relatieve verwantschap tussen diverse soorten vast te stellen.

Zo blijkt het DNA van de onderzochte mammoet (een vrouwtje) voor 98,5% gelijk aan dat van de recente Afrikaanse olifant (Loxodonta africana). Ze stonden echter nog dichter bij de Aziatische olifant (Elephas maximus).