'Bijensteken hebben geen effect op MS-patiënten'

GRONINGEN - Bijensteektherapie heeft geen effect op de ziekteactiviteit in de hersenen van patiënten met multiple sclerose (MS). Dat blijkt uit onderzoek dat het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) maandag naar buiten bracht. Opmerkelijk is wel dat de meerderheid van de personen die deelnamen aan het onderzoek, wel baat dacht te hebben bij de behandeling.

Bij de patiënten was er na toediening van de bijensteken geen verschil in het aantal aanvallen, de neurologische beperkingen, de graad van invaliditeit, de vermoeidheid en de kwaliteit van het leven. Eerder onderzoek had uitgewezen dat regelmatige toediening van bijengif een mogelijke vooruitgang als gevolg had. Dit was echter nooit wetenschappelijk aangetoond.

MRI-scan

Nederland is het eerste land ter wereld dat een wetenschappelijk onderzoek met bijensteken heeft uitgevoerd. Na een gewenningsperiode kregen 26 patiënten onder medische begeleiding gedurende een halfjaar drie keer per week twintig bijensteken toegediend door een imker. Om de zes weken werd een MRI-scan van de hersenen gemaakt.

Ontstekingsremmer

Omdat de mogelijkheden van de klassieke geneeskunde beperkt zijn, zoeken mensen met MS vaak hun toevlucht tot alternatieve geneeswijzen zoals bijensteektherapie. Bijen fabriceren veel biochemische stoffen en uit dierproeven bleek dat bijengif als ontstekingsremmer werkt en het immuunsysteem positief benvloedt. De bijensteektherapie, ook wel apitherapy genaamd, bestaat al duizenden jaren.

Multiple sclerose tast het centrale zenuwstelsel aan. De symptomen worden veroorzaakt door een onderbreking van de communicatie tussen de hersenen en andere delen van het lichaam. Vaak voorkomende klachten zijn bijvoorbeeld stuurloosheid in armen of benen, krachtsverlies, moeite met lopen, stijfheid of moeite met zien. Sommige mensen met MS belanden in een rolstoel.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie