Het is de Amerikaanse ruimtesonde OSIRIS-REx gelukt om genoeg materiaal van een ruimterots op bijna 333 miljoen kilometer afstand van de aarde te verzamelen. De rots- en stofmonsters zijn netjes opgeborgen zodat de sonde weer huiswaarts kan keren, aldus de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA donderdag.

Vorige week woensdag schraapte de sonde na vier jaar vliegen en een andere voorbereiding met een soort stofzuigerslang 400 gram bodemgruis van de planetoïde Bennu. Die staat op 333 miljoen kilometer van de aarde. Ter vergelijking: de maan bevindt zich op ongeveer 385.000 kilometer van de aarde. De afstand tot deze planetoïde is dus ongeveer 865 keer zo groot.

In het weekend bleek echter dat een klep van de sonde was opengegaan, waardoor gevreesd werd dat het spul verloren was gegaan. Dat blijkt nu dus niet het geval. "We zijn hier om aan te kondigen dat we de operatie succesvol hebben afgerond", meldde de manager van het project Rich Burns donderdag.

Ruim genoeg bodemgruis mee

Omdat de OSIRIS-REx veel meer bodemgruis heeft veiliggesteld dan de minimaal benodigde 60 gram, kan de sonde rechtsomkeert maken om naar verwachting in 2023 weer op aarde te landen. Pas dan kan definitief gezegd worden dat de missie geslaagd is. De missie kost zo'n 1 miljard dollar (857 miljoen euro).

NASA-sonde delft voor het eerst ongerepte planetoïderotsen
83
NASA-sonde delft voor het eerst ongerepte planetoïderotsen