Australische archeologen hebben voor het eerst onder water sporen van een woonplaats van prehistorische Aboriginals ontdekt. Onder water werden honderden stenen gereedschappen gevonden, schrijven de wetenschappers in het vakblad PLOS ONE.

De duizenden jaren oude spullen werden ontdekt op twee locaties langs de West-Australische kust, bij de Dampier-archipel. Toen de spullen er werden achtergelaten door de bewoners, lagen deze plekken nog niet onder water.

Wetenschappers vonden het gereedschap tijdens een reeks archeologische en geologische onderzoeken bij de archipel. In totaal zijn 269 stukken gereedschap opgedoken, op dieptes van maximaal 14 meter. Het oudste materiaal is geschat op minstens 8.500 jaar oud.

De vindplaats is een van de vele plekken van Australië die gedurende duizenden jaren onder water zijn komen te liggen. Naar schatting was het vasteland van Australië vroeger nog 30 procent groter, maar na de laatste IJstijd is het zeeniveau dusdanig ver gestegen dat deze gebieden zijn ondergelopen.

Hierdoor is het zeer waarschijnlijk dat er onder water ontzettend veel archeologisch materiaal van de vroegere Aboriginals te vinden zal zijn, zo stellen de wetenschappers.

Na de vondst van de onderwaterlocaties kwamen Australische en Britse wetenschappers samen met een Aboriginalorganisatie om nader onderzoek te doen en het gereedschap naar boven te halen.

Een aantal van de onder water gevonden werktuigen. (Foto: PLOS ONE)