Paleontologen hebben in het Canadese Nationaal Park Miguasha een fossiel gevonden van een 380 miljoen jaar oude prehistorische vis, waarvan de botten in de vin mogelijke voorlopers zijn van mensenvingers. Het fossiel wordt beschreven in het vakblad Nature.

Leven op aarde begon in de zee, waarna miljoenen jaren geleden dieren in ondiepere wateren gingen leven en uiteindelijk het land betraden. Deze vroege vissen ontwikkelden zich uiteindelijk tot gewervelde viervoeters. Eén zo'n vis was vermoedelijk een Elpistostege watsoni, een soort waarvan tot voor kort alleen incomplete fossielen van waren gevonden.

Nu ontdekten internationale paleontologen een fossiel van een 1.57 meter lange Elpistostege, waarvan onder meer een 'arm' nog intact was gebleven. Na onderzoek hieruit werden in de botten van de vin de voorgangers gezien van de vingers aan de hedendaagse menselijke hand.

Door de vondst is nu duidelijk dat gewervelde dieren al veel eerder in de evolutie vingers begonnen te ontwikkelen dan werd gedacht, namelijk net voordat vissen daadwerkelijk het water verlieten en landdieren werden.