Door met planten energie op te wekken en daarmee sensoren aan te drijven, willen Brits-Engelse onderzoekers signalen versturen naar satellieten. Die technologie werd afgelopen week gedemonstreerd bij het filiaal van het Europees Ruimtevaartagentschap ESA in Noordwijk.

Op tafel staat een plantenbak met kabeltjes erin gestoken, aangesloten op een sensor. Deze sensor staat in contact met een satelliet niet groter dan een schoenendoos, een cubesat. Gegevens die binnenkomen in de satelliet worden verwerkt en doorgestuurd naar een systeem op aarde.

Dit is de eerste keer dat sensoren op plantenenergie in contact staan met een satelliet in de ruimte.

Met deze technologie hopen de ontwikkelaars van de bedrijven Plant-e en Lacuna Space agrariërs te helpen met het verzamelen van informatie over hun gewassen. Zo verzamelt de sensor bijvoorbeeld informatie over luchtvochtigheid, vochtigheid van de grond en temperatuur, zodat boeren snel gedetailleerde informatie krijgen over hoe het met de gewassen gaat.

Niet alleen voor boeren is de technologie interessant, meent ESA. Met deze sensoren kan regelmatig data verzameld worden uit verafgelegen gebieden, waar mensen moeilijk bij kunnen komen.

Voedingsstoffen in planten worden stroom voor sensor

De sensor heeft weinig energie nodig en kan daardoor aangedreven worden met stroom van planten. Planten zetten koolstofdioxide om in voedingsstoffen met behulp van zonlicht, wat fotosynthese heet. Slechts een deel van de omgezette stoffen blijft echter in de plant, de rest wordt uitgestoten de grond in, via de wortels van de plant.

Bacteriën in de grond eten deze overgebleven stoffen en stoten op hun beurt elektronen uit, die omgezet kunnen worden in elektriciteit voor de sensor.

Satellieten bewaren data op 500 kilometer hoogte

Door een netwerk van cubesats die vijfhonderd kilometer boven de aarde vliegen, moeten de sensoren altijd hun gegevens kunnen versturen. De cubesats houden de data bij zich totdat ze over een grondstation bewegen, waar ze de data naar doorsturen.

In de loop van 2020 hoopt Lacuna Space, in samenwerking met het Europees Ruimtevaartagentschap, te beginnen met het lanceren van satellieten. Uiteindelijk moet er een netwerk van 32 kunstmanen ontstaan, allemaal zo groot als een schoenendoos.