Amerikaanse en Deense onderzoekers hebben een manier bedacht om levende walvissen te wegen door middel van drones. De wetenschappers beschrijven hun bevinding in het vakblad Methods in Ecology and Evolution.

Voorheen gebruikten wetenschappers dode walvissen, die bijvoorbeeld waren aangespoeld of gevangen door jagers, om de lichaamsmassa van de walvis te onderzoeken. Karkassen hebben echter hun limitaties, bijvoorbeeld omdat het lichaam is beschadigd of opgezwollen.

De onderzoekers gingen naar het schiereiland van Valdés in Argentinië, waar zuidkaper-walvissen zich in de winter verzamelen om te paren. Door drones boven het relatief heldere water te laten vliegen en opnames te maken, konden de biologen de afmetingen van het dier meten en de lichaamsmassa berekenen. Ook maakten ze een 3D-model met de verzamelde gegevens.

"Het is een mooi gebruiksmiddel", meent Lonneke IJsseldijk, bioloog aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht waar ze het zeezoogdier strandingsonderzoek leidt. IJsseldijk is niet betrokken bij het Amerikaans-Deense onderzoek.

"Met deze techniek hoef je als onderzoeker een dier niet van dichtbij te benaderen, maar kan toch waardevolle informatie verzameld worden, wat eerder niet kon."

Lichaamsmassa van walvis geeft informatie over gezondheid

De lichaamsmassa van een walvis zegt veel over de gezondheid van het dier. Bij walvissen geldt: dik is beter. "Het meten van lichaamsmassa vertelt ons dus iets over of het goed gaat met de dieren", vertelt IJsseldijk.

Door het 'wegen' met drones kunnen onderzoekers een levende walvis meerdere keren observeren en lichamelijke veranderingen meten. IJsseldijk noemt als voorbeeld walvissen die in zeegebieden leven waar mensen ook gebruik van maken. "Met dergelijk onderzoek kunnen we bijhouden hoe het met die dieren gaat en maatregelen nemen wanneer dat noodzakelijk blijkt."

IJsseldijk sluit niet uit dat de dronetechniek in Nederland gebruikt zou kunnen worden, maar het zou wel lastiger zijn.

Momenteel is de meetmethode gericht op grotere, tragere walvissen die bijvoorbeeld door kleurpatronen op de vinnen individueel herkenbaar zijn. In de Noordzee leven vooral de relatief kleine en snelle bruinvissen, die zich camoufleren in het donkere zeewater. Deze dieren zijn dus lastiger te fotograferen.