De archeologen die op het Filipijnse eiland Luzon overblijfselen van een niet eerder ontdekte mensensoort hebben gevonden, zijn van plan om nieuwe graafwerkzaamheden uit te voeren op de vindplaats.

Het onderzoek naar de pas ontdekte mensensoort Homo luzonensis op Luzon wordt hervat, meldt Associated Press donderdag. De archeologen gaan er opnieuw graven en het grottencomplex van kalksteen, waar de resten in 2007 werden gevonden, beter beschermen.

De 50.000 jaar oude botten en tanden zijn van drie verschillende personen. Zij waren waarschijnlijk gemiddeld 1,20 meter groot en behoren tot een van de eerste menselijke soorten die rechtop hebben gelopen.

Er bestaan twee theorieën over het ontstaan van de mens. Volgens de ene theorie zijn alle mensen uit één soort geëvolueerd, terwijl er bij de andere theorie van uit wordt gegaan dat er verschillende voorouders zijn.

Deze laatste theorie wordt ondersteund door de vondst op Luzon, stellen de vinders van de resten van de Homo luzonensis. De soort is volgens de onderzoekers geen directe voorouder van de huidige mens, de Homo sapiens.

De archeologen die de resten hebben aangetroffen, komen uit de Filipijnen, Frankrijk en Australië. Zij hebben hun onderzoek deze week gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

Vervolgonderzoek gepland in 2020

Het vervolgonderzoek op het eiland in het noorden van de Filipijnen moet volgend jaar plaatsvonden. De archeologen hopen grotere botten aan te treffen en ook gereedschappen te vinden.

In de omgeving van de vindplaats hebben de onderzoekers ook botten van reeën en andere soortgelijke dieren aangetroffen. In een aantal botten zitten markeringen die met een scherp object zijn gemaakt. Mogelijk is de Homo luzonensis hier verantwoordelijk voor geweest.

Ook in andere delen van de Filipijnen zijn duizenden jaren oude mensenresten gevonden, maar die zijn volgens de onderzoekers minder oud dan die op Luzon zijn aangetroffen. Het is momenteel niet duidelijk hoe de Homo luzonensis op het eiland is beland.