Het grootste deel van de mannen krijgt vroeg of laat met kaalheid te maken. Waarom laat het haar hen in de steek? En waarom heeft het andere geslacht er vrijwel geen last van?

Hoe goed ken jij het mannenlichaam? Doe deze test van Quest

Ben je kaal? Je kunt een kale plek op je hoofd maskeren door er een lok overheen te kammen. Je kunt ook de haren aan de achterzijde van je hoofd naar de bovenkant laten transplanteren. Maar misschien kun je maar beter gewoon met je kaalheid leren leven.

Als je kaal of kalend bent, bedenk dan dat je niet de enige bent. Zo'n 20 procent van de blanke mannen kampt hier al mee als ze rond de twintig zijn. Rond zeventigjarige leeftijd heeft 80 procent ermee te maken. Waarom worden zij verlaten door hun haardos en anderen niet?

Je bent niet echt kaal

Voor kale mannen is er goed nieuws: je bent niet echt kaal. Dat lijkt alleen maar zo. Wel zijn de haren op je kale plek microscopisch klein. Waarom er alleen nog onzichtbaar haar groeit? Laten we eerst naar normale haargroei kijken.

Elke haar kent een cyclus. Groeien doet deze in de groeifase. Die duurt bij hoofdhaar twee tot zes jaar. Beenhaar groeit slechts 19 tot 26 weken door (gelukkig maar). In de volgende fase stopt de groei en laat je haarwortel los. Dit duurt een week of twee. De haar blijft intussen wel in zijn haarzakje. Daarna volgt een rustfase van ongeveer drie maanden. De haarwortel krimpt en onderin het haarzakje wordt een beginnetje gemaakt met een nieuwe haar.

Uiteindelijk valt je oude haar uit en komt je nieuwe tevoorschijn. Bij kalende mannen wordt de groeifase steeds korter en de rustfase langer. "Je haren worden dan alsmaar korter, dunner en kleurlozer", vertelt kaalheidsonderzoeker Stefanie Heilmann-Heimbach (Universität Bonn). "Uiteindelijk blijft je haar zo kort, dat deze niet meer het oppervlak van je hoofdhuid bereikt. Dan ben je kaal."

Hier wel, daar niet

Dat de haren er minder zin in hebben, heeft met name te maken met mannelijke hormonen. "Dat is ook waarom vrouwen er minder last van hebben", zegt dermatoloog Bing Thio (Erasmus Medisch Centrum).

Kale mannen hebben niet meer testosteron dan harige seksegenoten. Maar hun haren zijn wel gevoeliger voor een hormoon dat uit testosteron wordt gemaakt: dihydrotestosteron (DHT). Thio: "Haren die verdwijnen, groeien in haarzakjes met cellen die overgevoelig zijn voor dit hormoon."

Opvallend genoeg heeft DHT niet overal op je hoofd hetzelfde effect. Het haar trekt zich op mannenhoofden meestal op dezelfde wijze terug. Eerst worden je inhammen aan de voorkant groter. Dan ontstaat een steeds dunnere plek aan de bovenzijde van je achterhoofd. Uiteindelijk houd je een soort hoefijzer van haar over. Dit haar blijft opvallend genoeg wél zitten. Waarom? Dat is niet zeker. "Waarschijnlijk zijn de cellen in de haarzakjes daar minder gevoelig voor DHT", denkt Thio.

Kaalheid als familieprobleem

Dat de haarzakjes van kalende mannen ermee ophouden, is voor het grootste deel genetisch bepaald. Daarom hebben vooral blanke mannen er last van. In Azië krijgt maar twintig tot 25 procent van de mannen ermee te maken.

Er is een hele rits genen bij betrokken. Maar, zegt Heilmann-Heimbach: "De sterkste genetische risicofactoren worden doorgegeven op het X-chromosoom. Dat erf je als man van je moeder." Als je vader tot op hoge leeftijd zijn volle bos behoudt, dan is dat voor jou dus geen garantie op een harige oude dag.

Speelt stress mee?

Maakt het ook uit wat je eet of hoeveel stress je ervaart? Zulke factoren spelen wel een rol bij haarverlies in het algemeen. Zo kunnen stress en medicijngebruik zorgen voor (tijdelijke) haaruitval. "Maar er is veel discussie over de vraag of omgevingsfactoren ook van invloed zijn op de vorm van kaalheid waar de meeste mannen aan lijden", weet Heilmann-Heimbach. "Als ze al een rol spelen, dan hebben ze waarschijnlijk een klein effect."

Hoe dan ook: "Meer acceptatie zou op zijn plaats zijn", vindt Thio. "Het is gewoon een eigenschap. Net als een donkere of lichte huid, of een platte of meer uitstekende neus."

Hoe goed ken jij het mannenlichaam? Doe deze test van Quest