Onderzoekers in Argentinië hebben een fossiel gevonden van een tot nu toe onbekende dinosaurussoort. De herbivoor, met stekels op de nek en rug, leefde 140 miljoen jaar geleden.

De ontdekking van de nieuwe soort werd maandag bekendgemaakt in het wetenschappelijke tijdschrift Nature. De dino, deel van de familie Dicraeosauridae, heeft de naam Bajadasaurus pronuspinax gekregen.

"We denken dat de lange, scherpe en dunne stekel op de nek en rug van de Bajadasaurus mogelijk als doel hadden vijandelijke roofdieren af te schrikken", zei Pablo Gallina, assistent-onderzoeker bij de nationale raad voor wetenschappelijk en technisch onderzoek. Een soortgelijke dinosaurussoort, de al bekende Amargasaurus, had ook zulke stekels.

"De stekels bestonden waarschijnlijk uit een soort keratine, vergelijkbaar met wat er in hoorns van veel zoogdieren zit", voegde Gallina eraan toe. Ook zouden de stekels mogelijk zijn gebruikt om de lichaamstemperatuur van de dino te regelen of zelfs om de dino seksueel aantrekkelijker te maken voor een potentiële partner.

Bajadasaurus kon tijdens het eten de omgeving in de gaten houden

De Bajadasaurus was een viervoeter en maakt deel uit van de bredere infraorde Sauropoda. Dat zijn plantenetende dinosaurussen met meer tenen dan andere plantenetende dinosaurussen. De dino zou volgens de onderzoekers tussen de stekels een vlezige bult kunnen hebben gehad, die een soortgelijke rol had als de bult van een kameel.

"Uit onderzoek blijkt dat de Bajadasaurus veel tijd kwijt was aan het eten van grondplanten, terwijl zijn ogen - die aan de bovenkant van zijn schedel lagen - hem in staat stelden een oog te houden op wat zich er in de omgeving afspeelde", aldus de onderzoekers.

Een reproductie van de stekelige nek en rug is tentoongesteld in een wetenschappelijk centrum in de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires.