Krokodillen en alligators zijn geen levende fossielen, blijkt uit een nieuwe Amerikaanse studie. De onderzoekers halen de lezing onderuit dat de reptielen een eenvoudig evolutionair verleden hebben.

De wetenschappelijke aanname is dat moderne krokodillen en alligators beide afstammen van een voorvader die zo'n 200 miljoen jaar geleden op het land leefde en later naar zoet water is verhuisd. Hieruit zouden de semiaquatische roofdieren die vandaag de dag op aarde leven zijn ontstaan.

Een nieuwe analyse, gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Scientific Reports, vertelt echter een ander verhaal. Volgens onderzoekers van The University of Iowa veranderden krokodillen in het verleden met enige regelmaat van leefgebied.

"Verschuivingen tussen land, zee en zoet water kwamen vaker voor dan we dachten, en de overgangen waren niet altijd van land naar zoet water of van zoet water naar zee", stelt een van de onderzoekers.

'Krokodillen veranderden ook van vorm'

Om tot hun bevindingen te komen, puzzelden de wetenschappers het voorgeslacht van de dieren bij elkaar door de evolutionaire stamboom van levende en uitgestorven krokodillen en alligators te analyseren.

Zij kwamen erachter dat krokodillen een complexe evolutionaire geschiedenis kennen. Zo veranderden de krokodillen behalve van habitat ook van vorm. Bij degene die in zee leefden, waren de poten vervangen door peddels en de krokodillen die op land leefden hadden vaak hoefachtige klauwen en lange poten.

Deze soorten zijn volgens de onderzoekers niet allemaal geëvolueerd uit voorvaders die op de krokodillen van nu leken, zoals tot nu toe werd aangenomen.