Een internationaal onderzoeksteam onder leiding van de TU Delft en het Rijksmuseum heeft het laatste, nog onbekende ingrediënt in de verfpasta van Rembrandt van Rijn ontdekt. Het gaat om het loodmineraal plumbonacriet. 

De schilder maakte gebruik van de zogeheten impastotechniek, "een 3D-effect waarbij dikke verf reliëf toevoegt aan een meesterwerk". 

Het precieze recept van de verf van Rembrandt van Rijn was tot op heden onbekend, stellen de onderzoekers. Eerder was al bekend dat het impasto-effect bereikt werd met materialen als "het pigment loodwit - een mengsel van Pb3(CO3)2·(OH)2 (hydrocerussiet) en PbCO3 (cerussiet) - en organische oplosmiddelen (vooral lijnzaadolie)."

Nu is dus bekend geworden dat de wereldberoemde schilder ook Pb5(CO3)3O(OH)2 (plumbonacriet) gebruikte. "We hadden helemaal niet verwacht dat we dit aspect zouden aantreffen, omdat het zo ongebruikelijk is in schilderijen van oude meesters", aldus de hoofdauteur en wetenschappelijk onderzoeker Victor Gonzalez.

Verder onderzoek moet nog uitwijzen of Rembrandt van Rijn plumbonacriet stelselmatig gebruikte in zijn verf. "We werken met de hypothese dat Rembrandt misschien andere recepten heeft gebruikt." In het onderzoek zijn drie van zijn schilderijen getest. 

Onderzoekers zeggen dat de doorbraak "kan bijdragen aan het behoud en de duurzame conservering van Rembrandts meesterwerken."