Een menselijke schedel die aan de grens van China met Mongolië en Rusland is gevonden, is meer dan tienduizend jaar oud, melden wetenschappers zaterdag na koolstofdatering.

Van de vier schedels die in de stad Manzhouli werden gevonden, is de oudste 10.113 jaar oud, zo blijkt uit koolstofdatering. De andere drie schedels waren van mensen die 7.400, 1.600 en 1.000 jaar geleden leefden, meldt het Chinese persbureau Xinhua.

Het gebied waar de schedels werden gevonden, wordt gezien als de bakermat van de prairiecultuur in het noorden van China. Volgens historische documenten leefden er in die tijd meerdere stammen in het gebied. 

De menselijke resten werden in de vorige eeuw al gevonden in een open kolenmijn, maar zijn nu pas onderzocht op leeftijd.

Wang Wei, de president van de Chinese archeologiegemeenschap, laat weten dat de mensachtigen van wie de schedels afkomstig zijn al redelijk vergevorderd moeten zijn geweest in hun vaardigheden.

"Ze konden stenen gebruiken om mee te snijden of als bijl, of ze vastbinden aan botten om een mes mee te maken. Hiermee konden dieren worden opengesneden", aldus Wei, die stelt dat deze vaardigheden in die tijd bij de meest vergevorderde wereldwijd moeten hebben gehoord.