Zowel op aarde als in de ruimte wordt druk gezocht naar sterrenstelsels, sterren, planeten en uiteindelijk buitenaards leven. In deze wekelijkse rubriek volgen we het nieuws over de belangrijkste onderzoeken.

Supernova mogelijk oorzaak massasterfte oceaandieren in Pleistoceen

Supernova's liggen mogelijk aan de basis van de massale sterfte van grote oceaandieren tijdens het begin van het tijdvak Pleistoceen. Ongeveer 2,6 miljoen jaar geleden stierf ruim een derde van de grote zeedieren uit, waaronder de megalodon, de grootste haai die ooit geleefd heeft en een lichaamslengte van 20 meter kon bereiken. Rond die tijd vond ook een supernova plaats, een ster die op gigantische wijze explodeert.

Wetenschappers vermoeden al langer dat supernova's in het verleden invloed moeten hebben gehad op de aarde, maar astronomen aan de Universiteit van Kansas hebben deze twee gebeurtenissen nu weten te koppelen.

Zij spreken van "een nieuw puzzelstukje", dat de massa-extinctie in de oceaan en dus ook het uitsterven van de oerhaai - "ze verdwenen zomaar" - mogelijk kan verklaren. De studie is gepubliceerd in het wetenschappelijke blad Astrobiology

Ongeveer 2,6 miljoen jaar geleden, op ongeveer honderdvijftig lichtjaren afstand van de aarde, verscheen een fel licht van een supernova aan de prehistorische hemel, dat daar weken of maanden bleef hangen. Volgens de onderzoekers bereikte een "tsunami van kosmische energie" een paar honderd jaar later de planeet en drong de atmosfeer binnen. Hierdoor veranderde het klimaat en stierven grote oceaandieren uit.

De kosmische straling veroorzaakte kankerverwekkende mutaties bij dieren. Vooral bij grote soorten, omdat zij een hogere stralingsdosis ontvingen. Naar schatting stierf 36 procent van de grote zeedieren uit. Een sluitende verklaring hiervoor konden wetenschappers tot op heden nog niet geven.

Wetenschappers kunnen aan de hand van de hoeveelheid radioactieve ijzer-60-isotopen in de zeebodem berekenen wanneer supernova's plaatsvonden in het verleden. Deze "kosmische resten" ontstaan alleen bij supernova's en komen van nature niet voor op aarde.

Een drie meter hoge kaak van een megalodon in het Florida Museum of Natural History. (Foto: Jeff Gage/Florida Museum of Natural History)

Krimpende planeet onthult mysterie

Astronomen hebben een antwoord gevonden op het mysterie waarom er geen hete planeten van het formaat Neptunus te vinden zijn in het heelal, terwijl het in ons universum barst van de "hete Jupiters" en "hete superaardes". De onderzoekers vergelijken het met een visser, die verbaasd is dat hij alleen maar grote en kleine vissen vangt en maar weinig middelgrote exemplaren.

Het onderzoeksteam, geleid door astronomen van de Universiteit van Genève, hebben met behulp van ruimtetelescoop Hubble op 97 lichtjaren afstand van de aarde een krimpende exoplaneet ontdekt die het antwoord geeft. Het gaat om de "warme" Neptunusachtige planeet genaamd GJ 3470b, die in een razendsnel tempo waterstof uit zijn atmosfeer verliest en transformeert in een superaarde. Hun bevindingen zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke blad Astronomy & Astrophysics.

Een paar jaar geleden ontdekten de sterrenkundigen al een andere verdampende planeet, genaamd GJ 436b, maar op GJ 3470b gaat dit proces honderd keer sneller, aldus de onderzoekers. Zij schatten dat laatstgenoemde planeet al ruim een derde van zijn massa heeft verloren.

Beide planeten staan op ongeveer 3,7 miljoen kilometer afstand van hun ster. Ter vergelijking: dit is een tiende van de afstand tussen Mercurius, de binnenste planeet in ons zonnestelsel, en de zon.

Het feit dat meerdere warme Neptunussen hun atmosfeer in rap tempo verliezen, ondersteunt volgens de astronomen het idee dat het leven van hete versies van de planeet van korte duur is. Zij stellen dat hete Neptunussen krimpen tot mini-Neptunussen en uiteindelijk zouden kunnen verkleinen tot massieve, rotsachtige planeten, ofwel superaardes.

Hoewel het team de resultaten "bemoedigend" noemt, zijn meer waarnemingen van hete Neptunusachtige planeten nodig om hun theorie te bevestigen. De onderzoekers willen Hubble en in de toekomst de James Webb-ruimtelescoop inzetten, om meer van dit soort planeten te vinden door te gaan speuren naar helium, het gas dat van warme Neptunussen ontsnapt.

Een gigantische waterstofwolk hangt rond GJ 3470b, een exoplaneet van het formaat Neptunus. (Illustratie: NASA, ESA and D. Player (STScI))