De Nobelprijs voor de Scheikunde is woensdag toegekend aan de Amerikanen Frances H. Arnold en George P. Smith en de Brit Gregory P. Winter. Zij ontvangen de prijs voor de gecontroleerde evolutie van eiwitten.

De drie wetenschappers zijn er volgens de jury in geslaagd enige controle over de evolutie te krijgen en die te beïnvloeden. 

De helft van de prijs van omgerekend 870.000 euro gaat naar Arnold voor de eerste gecontroleerde evolutie van eiwitten, meldt de Zweedse Koninklijke Academie van Wetenschappen.

Smith en Winter hebben de andere helft van de Nobelprijs toegekend gekregen. Smith ontwikkelde een techniek waarmee fagen, virussen die bacteriën infecteren, kunnen evolueren in nieuwe eiwitten.

Winter gebruikte deze techniek om nieuwe medicijnen te maken. De antilichamen in deze medicijnen kunnen gifstoffen neutraliseren, auto-immuunziekten tegengaan en bepaalde soorten kanker genezen. 

Volgens de Koninklijke Zweedse Academie voor Wetenschappen redden de technieken niet alleen levens, maar dragen ze ook bij aan een duurzamere toekomst. Met de technieken kunnen bijvoorbeeld ook biologische brandstoffen worden geproduceerd.

Prijs wordt sinds 1901 uitgereikt

De Nobelprijs voor de Scheikunde wordt sinds 1901 uitgereikt. Vorig jaar werd de prijs gewonnen door Jacques Dubouchet, Joachim Frank en Richard Henderson voor hun bijdrage aan de ontwikkeling van cryo-elektronenmicroscopie.

Sinds maandag worden Nobelprijzen van dit jaar toegekend. Alleen de winnaars van de Nobelprijzen voor de Economie en de Vrede worden nog bekendgemaakt. De literatuurprijs valt dit jaar weg door een schandaal in de jury.