JERUZALEM - Jezus stierf niet door ernstig bloedverlies, zoals tot nog toe werd aangenomen. Het is veel waarschijnlijker dat de stichter van het christendom omkwam door een bloedprop in de longen, aldus de Israëlische professor Benjamin Brenner.

Fatale bloedstollingen in de longen kunnen volgens de Israëlische hoogleraar worden veroorzaakt door immobiliteit, meervoudig letsel en uitdroging. "Dit lijkt overeen te komen met Jezus' omstandigheden aan het kruis", aldus Brenner.

Vliegtuigpassagiers

Als hedendaags voorbeeld van de gevolgen van immobiliteit wijst de wetenschapper op vliegtuigpassagiers die door weinig beweging tijdens lange vluchten trombose kunnen krijgen.

Brenner presenteerde de resultaten van zijn studie, die gebaseerd is op medische en historische bronnen, in het jongste nummer van het Britse wetenschappelijke tijdschrift Journal of Thrombosis and Haemostasis.

De onderzoeker erkent dat Jezus voor zijn kruisiging was gegeseld, maar concludeert dat het bloedverlies dat daardoor ontstond, niet dodelijk was. De bloedstolling in Jezus' longen was dat wel.