GRONINGEN - Dyslexie is al op jonge leeftijd te voorspellen door bij kleuters de zogenaamde benoemsnelheid te testen. Dat is de snelheid waarmee jonge kinderen onder meer plaatjes en kleuren kunnen benoemen. Wanneer een kleuter een lage benoemsnelheid heeft, is de kans op woordblindheid groter, blijkt uit promotieonderzoek van orthopedagoge M. Eleveld aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De uitkomsten van het onderzoek zijn goed nieuws voor het onderwijs, vindt Eleveld. "Benoemsnelheid is eenvoudig te testen. Het zou een goede zaak zijn als leerkrachten alle kleuters in groep 1 deze testen zouden afnemen. Hierdoor kun je al heel vroeg onderkennen welke kinderen later leesproblemen kunnen krijgen."

De nieuwe inzichten bieden echter geen uitzicht op voorkoming van dyslexie op latere leeftijd, omdat het niet mogelijk is de benoemsnelheid van kleuters te verbeteren. "Blijkbaar is het een vaardigheid die moeilijk te verbeteren valt met behulp van training", aldus Eleveld.

Opmerkelijk

De onderzoekster noemt het opmerkelijk dat het trainen op spraakklanken geen invloed heeft op het kunnen lezen en spellen in groep 3. Bij kleuters worden spraakklanken getraind met behulp van rijmoefeningen. "In andere talen, zoals het Engels, heeft het trainen van deze vaardigheden wel effect", aldus Eleveld uit.

"Mogelijk komt dit doordat het Engels een meer complexe taal is. Het Nederlands is, evenals Duits, veel regelmatiger en transparanter, waardoor juist de benoemsnelheid een grotere rol speelt."

Onderzoek

De orthopedagoge pleit voor een compleet nieuw leesprogramma voor kinderen met een lage benoemsnelheid. Hoe dat programma er precies moet gaan uitzien, moet nader onderzoek uitwijzen. Eleveld benadrukt dat dyslexie geen modeverschijnsel is. "Het is een hardnekkige, erfelijke handicap waar je je hele leven last van houdt."