Volgens nieuw onderzoek waren niet ratten maar vlooien en luizen op mensen verantwoordelijk voor de verspreiding van de pest.

De Zwarte Dood, zoals de pest ook wordt genoemd, kostte in een reeks epidemiën van de veertiende tot de negentiende eeuw aan circa 25 miljoen Europeanen het leven - ongeveer de helft van de toenmalige bevolking van het continent.

Aangenomen wordt dat de verspreiding van de ziekte vooral plaatsvond door vlooien op ratten, maar onderzoekers van de universiteiten van Oslo en Ferrara stellen dat de verspreiding van de pest "grotendeels kan worden toegeschreven aan vlooien en luizen op mensen", meldt de BBC.

Professor Nils Stenseth van de Universiteit van Oslo: "We hebben goede sterftecijfers van uitbraken van de pest in negen steden in Europa. Dus we konden modellen maken van de dynamiek van deze ziekte."

Met zijn team simuleerde Stenseth vervolgens de uitbraak van de pest in deze steden, volgens drie verschillende modellen. Een met verspreiding via ratten, een met verspreiding via de lucht en een via vlooien en luizen die op mensen en kleding van mensen leven.

Overduidelijk

In zeven van de negen steden waarop de simulaties werden toegepast bleek het model met vlooien en luizen die op mensen en kleding van mensen leven veel beter bij het oorspronkelijke patroon van de uitbraken te passen dan die met vlooien op ratten.

"De conclusie was overduidelijk", stelt Stenseth. "Het luizenmodel paste het beste. Als het daadwerkelijk via ratten was verspreid, was het nooit zo snel gegaan. Dan was het vooral snel van rat tot rat gegaan, in plaats van dat het werd verspreid van persoon tot persoon."

Hygiëne

Stenseth: "Uit ons onderzoek blijkt dat hygiëne zeer belangrijk is bij het voorkomen van toekomstige verspreidingen. Het laat bovendien zien dat als je ziek bent, je met zo min mogelijk mensen in contact moet komen en eigenlijk het beste thuis kunt blijven."