Negen stukken weefsel die werden toegeschreven aan de yeti, blijken minder mysterieus te zijn. Acht keer was het afkomstig van een beer en een keer van een hond. 

Dat schrijft de Volkskrant naar aanleiding van onderzoek van wetenschappers uit Amerika, Azië en Europa. De wetenschappers hebben 'yeti-resten' uit verschillende musea en privécollecties gebruikt. Zo werd een stuk huid van een 'yeti-hand' gebruikt en de resten van een voet. 

Andere mythische dieren zoals de Amerikaanse bigfoot of de Sumatraanse orang pendek zijn in een eerder onderzoek drie jaar geleden, samen met de yeti, ook al ontkracht door DNA-onderzoek. Haar dat van deze wezens afkomstig zou zijn, was eigelijk van geiten, beren, wolven en een tapir. Doordat er uit sommige haren geen DNA kon worden gehaald, bleven veel mensen in de wezens geloven.

Mongoliëdeskundige Tjalling Halbertsma zegt in de Volkskrant dat het geloof in de yeti veel zegt over de mens. "De zoektocht naar de yeti wordt gevoed door een verlangen naar iets onbekends, iets onbedorvens."

Het begin van de mythe rondom een sneeuwman ontstaat als de eerste mensen de Himalaya ingaan. "Op ongekende hoogte vonden ze merkwaardige sporen, op plekken waar nog geen mens was geweest", aldus Halbertsma. Dat gecombineerd met een prehistorische aap van drie meter die daar ooit moet hebben rondgewandeld, maakte de mythe compleet.