Wespen prenten de omgeving van hun nest voor elk tochtje op een speciale manier in hun geheugen. 

Als de insecten vertrekken uit hun nest en de lucht in vliegen, vliegen ze in een rechte lijn omhoog en draaien ze hun kop altijd even in de richting van het kleine gat in de aarde waar ze uit zijn gekomen.

Ze onthouden het uitzicht links en rechts van het nest, zodat ze de weg terug kunnen vinden.

Dat melden Australische onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Current Biology.

Manouevres

Wetenschappers zijn al langer gefascineerd door de speciale manouevres die wespen maken bij het vertrek uit hun nest, omdat ze altijd precies volgens hetzelfde patroon lijken te verlopen.

Om te achterhalen wat de insecten precies doen, maakten de onderzoekers uit Australië filmopnames met hogesnelheidscamera's van wespen die hun nest verlieten. Op die manier slaagden ze erin om de positie van de kop van de wespen in beeld te brengen tijdens het vliegen. Op de beelden was duidelijk te zien dat de diertjes de omgeving van hun nest bestudeerden bij het vertrek.

Herkenning

De wetenschappers filmden ook de vluchten die de wespen vervolgens maakten en de aanvliegroute waarmee ze terugkeerden naar hun nest. Deze beelden stopten ze in een 3D-model op de computer, waarmee het blikveld van de insecten kon worden gereconstrueerd.

Uit de beelden blijkt dat de insecten de weg naar huis vinden door de herkenning van kleine details in de omgeving van hun nest, zoals sporen in de aarde. Pas als ze een detail zien dat ze ook hebben waargenomen bij hun vertrek, vliegen ze met een boogje in de richting van hun nest.

 Robots

Volgens onderzoeker Jochen Zeil was het een hele onderneming aan te tonen wat de wespen precies doen tijdens hun vertrekmanoeuvre precies. "Ik ben verbaasd hoe lang het ons heeft gekost om dit uit te zoeken", verklaart hij op nieuwssite ScienceDaily. "Meer dan tien jaar zijn we ermee bezig geweest."  

De ontdekking kan volgens hem leiden tot nieuwe technieken in de robotwereld. Volgens Zeil moet het mogelijk zijn om vliegende robots hun omgeving op dezelfde manier in zich op te laten nemen als wespen, zodat de apparaten altijd de weg terug kunnen vinden.