Primitieve mensensoorten jaagden mogelijk met speren op sabeltandtijgers. 

Bij opgravingen in de Duitse plaats Schöningen zijn 300.000 jaar oude tanden en botten van sabeltandkatten aangetroffen, een groep katachtige dieren waartoe ook de sabeltandtijger behoorde.

Eerder zijn in dit gebied resten van houten speren gevonden uit dezelfde periode. Deze wapens werden gemaakt door de primitieve mensensoort Homo heidelbergensis.  

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Tübingen in een nieuwe studie die binnenkort verschijnt in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Human Evolution.

Jagers

De ontdekking bewijst volgens hoofdonderzoeker Jordi Serangeli dat sabeltandkatten in dezelfde gebieden leefden als primitieve mensen.

"De mensen in dit gebied in Duitsland waren jagers en ze waren niet alleen", aldus Serangeli op BBC News. "Ze moesten zichzelf verdedigen tegen grote carnivoren."

Eerdere ontdekking van dierlijke resten in nederzettingen van Homo heidelbergensis wijzen erop dat de oermensen met hun speren vooral op paarden en rendieren jaagden.

Bizons

Volgens Serangeli is het mogelijk dat de bewoners van het gebied ook sabeltandtijgers hebben gedood, maar definitief bewijs daarvoor ontbreekt nog. "Mensen stonden 300.000 jaar geleden al bovenaan de voedselketen. Ze konden zonder enige competitie grote dieren slachten, zoals neushoorns, bizons, paarden en rendieren."

"Het zou erg interessant zijn om aan te tonen dat deze mensen hun wapens ook gebruikten om sabeltandkatten te doden, maar als we niet meer botmateriaal vinden, kunnen we dat niet bewijzen."