Wetenschappers hebben een hersengebied ontdekt waarvan de grootte samen lijkt te hangen met de mate van geluk die mensen ervaren. 

Mensen die zich vaak gelukkig voelen, hebben relatief veel grijze stof in de zogenoemde precuneus, een gebied in de pariëtale kwab achter de voorhersenen.

Hoe groter dit hersengebied hoe minder gevoelig mensen daarnaast lijken voor negatieve emoties.

Dat melden Japanse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Scientific Reports.

Vragenlijsten

De wetenschappers van de universiteit van Kyoto kwamen tot hun bevindingen door 51 mensen vragenlijsten te laten invullen over hun geluksgevoel. De proefpersonen moesten aangeven hoe vaak ze zich gelukkig voelden en hoe intens positieve en negatieve emoties bij hen binnenkwamen. Vervolgens werd er een MRI-scan van hun brein gemaakt.

Uit het onderzoek blijkt dat de grootte van de precuneus bij de proefpersonen samenhangt met de mate waarin ze zich gelukkig voelen.

Kleinschalig

Het onderzoek is een verkennende studie met een wat kleinschalige opzet. Meer hersenonderzoek is nodig om het effect definitief te bewijzen.

Ook is het nog onduidelijk hoe het verband tussen de precuneus en geluk werkt. Misschien wordt het hersengebied groter bij mensen die vaak gelukkig zijn, maar het het is ook mogelijk dat mensen met een grotere precuneus vaker en makkelijker een geluksgevoel krijgen.

Trainen

Hoofdonderzoeker Wataru Sato vermoedt het laatste. Hij denkt zelfs dat het 'hersengebied voor geluk' is te trainen door meditatie, zodat mensen zich gelukkiger zullen gaan voelen. 

"Verschillende studies laten zien dat meditatie zorgt voor een toename van grijze massa in de precuneus", verklaart hij op nieuwssite EurekAlert. "De resultaten van deze studie kunnen misschien nuttig zijn bij het ontwikkelen van op wetenschap gebaseerde trainingsprogramma's voor geluk."