De grootste deeltjesversneller ter wereld, de Large Hadron Collider (LHC) van onderzoeksinstituut Cern in Zwitserland, is na twee jaar onderhoud weer in bedrijf getreden.

Op woensdagochtend botsten de eerste protonen op elkaar in het hart van de enorme machine.

De energie die daarmee gemoeid gaat is aanzienlijk hoger dan tijdens de eerste periode dat de LHC werd gebruikt, van 2010 tot 2013. Daarbij gaat het over 13 miljard elektronvolt tegenover 8 miljard elektronvolt.

De LHC bestaat uit een 27 kilometer lange ring, die zich honderd meter onder een landelijk gebied aan de Frans-Zwitserse grens bevindt. Twee stralen met protonen worden door deze tunnel geleid en botsen op vastgestelde punten op elkaar.

Dit stelt natuurkundigen in staat nieuwe deeltjes te ontdekken. Zo werd in 2012 het higgsboson (het zogenaamde 'Godsdeeltje') ontdekt. Deze belangrijke ontdekking bevestigde het bestaande standaardmodel van de deeltjesfysica.

Video: Deeltjesversneller Cern na twee jaar weer in bedrijf

'Beste schip'

In de afgelopen twee jaar werd de machine gerepareerd en verbeterd om deze hogere energieniveaus aan te kunnen. "Wij hebben het beste schip ter wereld en de beste bemanning ter wereld. Nu zijn we klaar voor onze volgende ontdekkingsreis", zei hoofdonderzoeker van Cern Sergio Bertolucci tegen de BBC.

Met de verhoogde capaciteiten van de LHC verwachten de natuurkundigen vondsten te doen die het bestaande standaardmodel van de kernfysica voorbijstreven.