Een kleine maan van Saturnus, Enceladus, beschikt onder zijn ijzige oppervlakte over heetwaterbronnen. 

Dat zou het naast de aarde tot het enige andere hemellichaam in het zonnestelsel maken waarvan bekend is dat heet water en gesteente ondergronds op elkaar inwerken, zeggen wetenschappers in een artikel in het tijdschrift Nature

De aanwezigheid van de heetwaterbronnen op Enceladus maakt de maan tot interessante bestemming voor onderzoek naar microbieel leven. 

Op aarde zijn in dit soort bronnen op de oceaanbodem, waar geen zonlicht komt, vreemde levensvormen waargenomen. 

Het onderzoek naar Enceladus is verricht met de Cassini, de ruimtesonde van ESA en NASA die in 1997 werd gelanceerd om Saturnus en zijn manen te verkennen. Eerder ontdekte de sonde al een enorme oceaan op Enceladus en een grote pluim van gas en ijs die uit scheuren in de zuidelijke poolregio opstijgt. 

Computermodellen

In het jongste onderzoek is met behulp van computermodellen aangetoond dat de pluim verband houdt met wat er gebeurt op de zeebodem van de maan. De onderzoekers denken dat de deeltjes in de pluim ontstaan wanneer heet water in contact komt met het gesteente op de oceaanbodem. 

Het mineraalrijke water dat daarbij ontstaat, schiet door de ijslaag omhoog en wordt in de vorm van een pluim gas en ijs uitgespuwd. Sommige deeltjes komen terecht in de grootste ring van Saturnus.