Het grootste knaagdier dat ooit leefde, gebruikte zijn tanden waarschijnlijk om roofdieren op afstand te houden. Dat blijkt uit een nieuwe studie. 

Het knaagdier met de naam Josephoartigasia monesi was even groot als een bizon en kon net zo hard bijten als een tijger.

De snijtanden van het dier konden zelfs krachten opwekken die nog drie keer hoger waren.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van York in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Anatomy.

Duimen

Josephoartigasia monesi was waarschijnlijk familie van de moderne cavia. Het dier leefde ongeveer drie miljoen jaar geleden in Zuid-Amerika, zo meldt de nieuwssite van het wetenschappelijk tijdschrift Science.

De Britse wetenschappers gebruikten fossielen van het knaagdier om een computermodel te ontwikkelen van de kaken. Deze botresten werden in 2007 opgegraven in Uruguay. 

Met de computer berekenden de onderzoekers zo nauwkeurig mogelijk de bijtkracht van de verschillende tanden van de reuzencavia. Deze tanden waren ongeveer even groot als menselijke duimen.  

Slagtanden

De maximale kracht die de reuzencavia kon opwekken met zijn beet bleek 4165 Newton te zijn. 

Die bevinding suggereert dat het dier zijn tanden niet alleen gebruikte om te eten.

"Vergelijk het met de manier waarop moderne olifanten hun slagtanden gebruiken", aldus hoofonderzoeker Philip Cox van de Universiteit van York op nieuwssite ScienceDaily. "We concluderen dat Josephoartigasia zijn snijtanden ook gebruikte om kuilen te graven, of om roofdieren op afstand te houden."