Zwitserse wetenschappers hebben eitjes van parasieten uit de IJzertijd aangetroffen bij de opgraving van een oude Keltische nederzetting in Basel.

Het gaat om ruim tweeduizend jaar oude eitjes van verschillende wormen die in ingewanden van mensen en dieren leefden.

De bevinding suggeert dat de hygiëne in Keltische dorpen nogal te wensen overliet.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Basel in het wetenschappelijk tijdschrift Archeological Science.

Leverbott

De parasitaire eitjes zijn aangetroffen in een laag aarde die honderd jaar voor Christus vermoedelijk aan de oppervlakte lag. Het gebied dat nu Basel-Gasfabrik heet, werd destijds bewoond door Keltische stammen.

Met modern microscopisch onderzoek werd vastgesteld dat dat de eitjes niet na hun aanwezigheid zijn ontstaan door vochtvorming, maar overblijfselen zijn uit de tijd waarin de nederzetting volop werd gebruikt.

Veel eitjes lijken afkomstig van rondwormen die met name in de maag van mensen en dieren voorkomen.

Vee

Maar de wetenschappers vonden ook bewijs voor de aanwezigheid van leverbot. Deze platworm vestigt zich meestal in de lever van schapen of koeien en scheidt zijn eitjes uit via de urine van de dieren.   

De onderzoekers vermoeden dan ook dat de parasieten via het vee van de Kelten in de nederzetting zijn beland, zo meldt de nieuwssite van de Universiteit van Basel.

Aangezien de bewoners van Keltische dorpen zeer dicht in de buurt van hun koeien en schapen leefden, zijn waarschijnlijk ook veel mensen met de wormen besmet geraakt.