Mannen tussen de veertig en de zeventig jaar die de afgelopen decennia minimaal een keer per maand paling hebben gegeten, worden opgeroepen zich te melden bij de universiteit van Wageningen.

Daar zoeken ze honderd van dit soort mannen voor onderzoek naar de effecten van vervuiling. Het gaat dan met name over dioxines. Dat zijn stoffen die niet van nature voorkomen in vis, maar erin terechtkomen door vervuiling.

De onderzoekers willen weten wat de gezondheidseffecten zijn van het regelmatig eten van paling uit meer of minder vervuilde gebieden. In de Biesbosch is bijvoorbeeld veel vervuild slib neergeslagen, in het IJsselmeer minder. Vis uit het IJsselmeer is daarom relatief schoon.

De onderzoekers zijn benieuwd naar de gevolgen van consumptie van paling met meer of minder dioxines op de hormoonniveaus in het lichaam en de functie van de lever.