Het aantal vogels in Europa is in de afgelopen decennia flink afgenomen, zo blijkt uit onderzoek van Britse wetenschappers. 

De Europese vogelpopulatie is sinds 1980 geslonken van ruim twee miljard vogels naar 1,6 miljard.  

Vooral veel voorkomende soorten zoals spreeuwen en veldleeuweriken hebben het moeilijk.

Zeldzame vogelsoorten zoals de ooievaar en de bruine kiekendief zijn opvallend genoeg juist in aantal toegenomen, zo melden onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Ecology Letters.

Zorgelijk

De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen door gegevens te combineren uit vogeltellingen die in 25 landen werden gehouden tussen 1980 en 2009. 

Op basis van deze tellingen verkregen ze nieuwe inzichten in de populaties van 144 verschillende vogelsoorten. Bij tachtig procent van alle soorten bleek het aantal individuen in de afgelopen dertig jaar flink te zijn afgenomen. Het gaat vooral om soorten die nog relatief talrijk zijn. 

"Dat is zorgelijk, omdat het de groep vogels is waar mensen het meest van profiteren", verklaart hoofdonderzoeker Richard Inger op de nieuwssite van de Universiteit van Exeter.

"Het wordt steeds duidelijker dat de interactie met de natuur en dieren van groot belang is voor het menselijk welzijn en dat een aanzienlijk verlies van veel voorkomende vogels erg nadelig is voor onze samenleving."

Bescherming

Het aantal zeldzame vogels groeide in de afgelopen decennia juist met ongeveer 21.000 individuen. Vooral de bruine kiekendief en de ooienvaar worden vaker waargenomen. Die toename is volgens Inger te danken aan specifieke maatregelen voor de bescherming van deze soorten.

"De focus ligt op dit moment erg op het behoud van zeldzame soorten", aldus Inger in de Britse krant The Guardian.

Hij benadrukt dat ook veel voorkomende vogels bescherming nodig hebben. "We moeten oppassen dat we niet al ons geld inzetten op het beschermen van zeldzame soorten."