De genen van één ouder hebben een relatief grote invloed op het moment waarop de puberteit begint bij meisjes, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Zeker 123 genen zijn van invloed op de leeftijd waarop meisjes voor het eerst menstrueren.

De genen van één ouder spelen bij dit proces een licht dominante rol.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Cambridge in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

Erfelijk

De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen op basis van eerdere genetische studies waarbij het DNA van 182.416 vrouwelijke proefpersonen werd geanalyseerd.

Van de 123 genvarianten die van invloed bleken op de leeftijd van de eerste menstruatie, ging het in zes gevallen om zogenoemde ingeprente genen.

De activiteit van deze genen word volledig bepaald door erfelijke informatie van of de moeder, of de vader.

Invloed

"Normaal gesproken zijn onze fysieke eigenschappen een ongeveer gemiddelde combinatie van de genen van onze ouders", verklaart hoofdonderzoeker John Perry op nieuwssite ScienceDaily. "Maar bij ingeprente genen heeft het genetisch materiaal van de moeder of de vader buitengewoon veel invloed."

"Onze bevindingen impliceren dan ook dat de ene ouder meer invloed heeft op de timing van de puberteit van de dochter dan de ander", aldus Perry.  

De wetenschappers denken bij vervolgonderzoek nog veel meer genen te kunnen vinden die van invloed zijn op de puberteit van meisjes. "Onze analyse suggereert dat er misschien wel duizenden zijn", aldus Perry. 

Ook omgevingsfactoren, zoals eetgewoontes en mate van beweging beïnvloeden de leeftijd waarop meisjes in de puberteit geraken.