Een nieuwe techniek die het mogelijk maakt om paleontologische vondsten virtueel op te graven zal de paleontologie gaan veranderen, zo melden Britse wetenschappers.

Met behulp van röntgenstraling kan de vorm en interne structuur van fossielen inmiddels in drie dimensies zichtbaar worden gemaakt op de computer.

Het is daardoor niet meer altijd noodzakelijk om paleontologische vondsten volledig uit te graven. Ook biedt de techniek nieuwe mogelijkheden voor paleontologen om hun vondsten te bestuderen.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Bristol in het wetenschappelijk tijdschrift Trends in Ecology and Evolution.

Beitels

Bij de nieuwe methode om fossielen digitaal op te graven worden röntgenstralen gestuurd door gesteente waarin zich gefossiliseerde botten bevinden.

Door met behulp van die straling de verschillen in structuur van de botten en het omliggende gesteente in kaart te brengen kan een computerprogramma de anatomische eigenschappen van het fossiel bepalen.

De kans op schade is bij een virtuele opgraving is nihil, aangezien het fossiel niet helemaal hoeft te worden blootgelegd met behulp van beitels en borstels.

Beweging

Met behulp van het computerprogramma kan ook een bewegende afbeelding van een opgegraven skelet worden gecreëerd, zodat paleontologen in de toekomst de motoriek van een uitgestorven dier kunnen bestuderen.

"De afbeeldingen van fossielen op de computer zullen ons in staat stellen om uitgestorven dieren virtueel tot leven te wekken door het computermodel te laten berekenen hoe de dieren zich voortbewogen", verklaart onderzoeker Imran Rahman op ABC News.

Maar ook het grote publiek zal mogelijk in aanraking komen met de nieuwe techniek. "Sommige paleontologen geven hun virtuele afbeeldingen van fossielen ook vrij voor het maken van 3D-prints, zodat iedereen straks kan beschikken over een accuraat model van zijn favoriete fossiel", aldus Rahman.