De Grand Canyon is geen tientallen miljoenen jaren oud, maar ontstond veel recenter, zo blijkt uit nieuw onderzoek. 

Sommige rotsen in de beroemde kloof in Arizona zijn weliswaar ruim 70 miljoen jaar oud.

Maar de scheur in de aarde die nu de Grand Canyon wordt genoemd, ontstond ongeveer zes miljoen jaar geleden. Dat melden Amerikaanse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Geoscience.        

De wetenschappers achterhaalden de leeftijd van verschillende gesteentes in de Grand Canyon door een techniek die bekend staat als thermochronologie.

Aan de hand van de structuur van mineralen in verschillende lagen van de rotsen bepaalden ze de temperatuur van gesteentes in verschillende periodes.  

Temperatuur

Met behulp van deze techniek konden ze ook bij benadering bepalen wanneer de kloof in de aarde ontstond. Als een gesteente bij de vorming van een vallei aan het oppervlak van de aarde komt te liggen, daalt de gemiddelde temperatuur van de rots namelijk. 

Delen van de kloof waar de rotsen al lange tijd een lage temperatuur hebben, zijn dus ouder.

Jonger

Uit de berekeningen van de wetenschappers blijkt dat de kloof die we nu kennen als de Grand Canyon veel later ontstond dan sommige wetenschappers aannamen.

"Ik denk dat we het 140 jaar durende debat over de leeftijd van de Grand Canyon hebben opgelost", verklaart hoofonderzoeker Karl Karlstrom op Nature News.

"De kloof bestaat uit meerdere rotssegmenten die allemaal hun eigen historie en leeftijd hebben", aldus de wetenschapper. "Maar deze segmenten kwamen pas vijf tot zes miljoen jaar geleden met elkaar in verbinding te staan. Toen werd de Grand Canyon gevormd en de rivier de Colorado die er doorheen stroomt."