Grote dieren zoals antilopen en jachtluipaarden verdwijnen in hoog tempo uit de Sahara. Dat blijkt uit een nieuwe wetenschappelijke studie. 

Ongeveer de helft van alle grote diersoorten in de Sahara, is uitgestorven of komt nog voor in minder dan vijf procent van hun oorspronkelijke leefgebied.

De algazel, het hartenbeest, de leeuw en de Afrikaanse wilde hond zijn al definitief verdwenen uit de grote Afrikaanse woestijn.

Dat melden biologen van 28 wetenschappelijke organisaties in het vaktijdschrift Diversity and Distributions.

Steenbok

De onderzoekers brachten de verspreiding in kaart van veertien diersoorten die van nature voorkomen in de Sahara doormiddel van waarnemingen en sporenonderzoek.

De soorten die nog overleven in het gebied, verkeren allemaal in moeilijkheden, zo blijkt uit de studie.

Zo komen de gazelle en de addax (een antilopesoort) in 99 procent van hun oorspronkelijke leefgebied niet meer voor. De cheeta's die van oorsprong in de Sahara leven, zijn in 90 procent van hun natuurlijke omgeving niet meer te vinden.

Alleen de Nubische steenbok houdt nog goed stand in de woestijn. De wilde geit komt voor in het grootste deel van zijn oorspronkelijke leefomgeving.

Natuurreservaten

De wetenschappers vermoeden dat uitstervingsgolf van grote dieren in de Sahara te maken heeft met de jacht in het gebied, al bieden hun gegevens geen duidelijke inzichten in de oorzaken.

Ze waarschuwen dat dieren als de gazelle, de addax en de cheeta alleen in de Afrikaanse woestijn kunnen overleven als hun leefgebied beter wordt beschermd.   

In Niger en Tsjaad zijn onlangs plannen gelanceerd om grote delen van de Sahara tot natuurreservaat uit te roepen, zo meldt nieuwssite ScienceDaily. Mogelijk zullen enkele lokaal uitgestorven dieren opnieuw worden uitgezet in deze gebieden.