Niet elke cel in de hersenen blijkt precies dezelfde genetische informatie te bevatten.

Dat beschrijven Amerikaanse onderzoekers van het Salk Instituut in San Diego deze week in Science

De wetenschappers analyseerden het DNA van honderd verschillende hersencellen van drie personen. Het bepalen van de volgorde van de genetische informatie van één cel is pas sinds kort mogelijk.

Tot voor kort was de hoeveelheid DNA in één cel te laag om te analyseren en moesten er duizenden cellen samengevoegd worden. Met de nieuwste technologie is de DNA-concentratie in een cel wel afdoende en kan er op individueel celniveau gekeken worden naar hoe het DNA er uit ziet.

Verrassend

De resultaten van de analyse waren verrassend. Het heersende idee is dat het DNA in alle cellen van het lichaam zo goed als hetzelfde is, maar dat blijkt niet het geval. Er zaten behoorlijke verschillen tussen de DNA-volgordes van alle cellen. Tot wel 41 procent van alle cellen bevatten of misten specifieke stukken DNA.

Dat de volgorde van het DNA zo divers is, betekent dat er meerdere genetische veranderingen plaatsvinden tot ver na de samensmelting van zaadcel en eicel - een onverwachte bevinding.

Functie

Over de functie van de diversiteit kunnen de onderzoekers slechts speculeren. Het zou kunnen zijn dat de variatie maakt dat de hersenen beter in staat zijn om om te gaan met veranderende omstandigheden die tijdens het leven optreden.

Ook zou het kunnen dat de diversiteit de hersencellen in staat stelt virusaanvallen beter te lijf te kunnen: door het verschil zou een virus niet elke cel kunnen binnendringen, waardoor er bescherming optreedt. De Amerikanen willen in vervolgonderzoek kijken of ook andere celtypes zoveel genetische variatie herbergen.