Wanneer een fruitvliegenvrouwtje door verschillende mannetjes wordt bevrucht, strijden hun spermacellen om het recht haar te bevruchten.

Het vrouwtje heeft verschillende tactieken ontwikkeld om haar favoriet voorrang te geven.

Dat concluderen biologen van de Syracuse Universiteit in de Verenigde Staten in de nieuwste editie van Current Biology.

Twee mannetjes

Ze lieten vrouwtjes van de fruitvliegensoort Drosophila simulans steeds bevruchten door twee mannetjes: een van haar eigen soort en een van een verwante soort, Drosophila mauritiana.

In het kader van het voortbestaan van de eigen soort, heeft het vrouwtje er belang bij dat een D. simulans-man de vader van haar kinderen wordt. Echter, wanneer het andere mannetje fitter sperma heeft, dan zal hij haar bevruchten.

Eén ding zit haar al mee: de spermacellen van D. simulans zijn groter dan die van D. mauritiana, waardoor ze sterker staan in de voortplantingsstrijd.

Vijandig sperma

Echter, dit voordeel beslecht het pleit nog niet. Het vrouwtje heeft daarom verschillende technieken ontwikkeld om het vijandige sperma het bevruchten te belemmeren en de overwinningskansen van het gewenste sperma te vergroten.

Zo werkt ze het andere sperma uit haar voortplantingskanaal door met haar pootjes haar voortplantingsorgaan uit te knijpen. Daarnaast geeft haar lichaam, afhankelijk van de volgorde waarin de mannetjes haar hebben bereden, de voorkeur aan bevruchting met verser of minder vers sperma. Dat laatste verblijft tijdelijk in een speciaal orgaan voor langdurig sperma-opslag.

Vrouwtjes van Drosophila mauritiana die bevrucht worden door beide soorten, hebben niet zulke slimme tactieken en lopen dus meer kans om door de andere soort bevrucht te worden. Zij hebben daarom een andere tactiek: ze verzetten zich heviger tegen deze vreemde mannetjes.