Scheepswrakken in de Waddenzee moeten beter beschermd worden, zodat ze bewaard blijven voor toekomende generaties. 

Dat vindt de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE).

Een onderzoek naar twee gezonken schepen moet hun verval in kaart brengen en oplossingen vinden om verdere degradatie van wrakken tegen te gaan, liet de rijksdienst vrijdag weten.

De twee wrakken voor de kust van Texel worden tussen 10 en 21 juni onderzocht. Het onderzoek vindt plaats in het kader van twee afzonderlijke projecten.

Het Europese project Sasmap richt zich op de bescherming van cultureel erfgoed onder water. De RCE test verschillende beschermingsmaatregelen op het wrak Burgzand Noord 10, ten oosten van het Waddeneiland.

Voor het project Topsites, van de RCE zelf, wordt het wrak Burgzand Noord 3 onderzocht. Het schip verging in 1640. Het schip wordt afgedekt, zodat het beschermd blijft tegen onder meer paalwormen en bacteriën. Beide wrakken moeten in de Waddenzee blijven liggen.

Vergingen

Tussen 1500 en 1800 gingen veel schepen bij het Texelse Burgzand voor anker. In de luwte van het Waddeneiland werden de schepen geladen en gelost voor de haven van Amsterdam.

Toch vergingen er in de drie eeuwen veel schepen. Inmiddels zijn al tientallen wrakken ontdekt. Burgzand is voor de RCE dan ook 'van groot archeologisch belang'.