Een 260 miljoen jaar oud Zuid-Afrikaans fossiel, de Eunotosaurus, werpt nieuw licht op de ontwikkeling van het schild van de schildpad. Het dier had negen verbrede ribben onder het schild.

Wetenschappers van onder andere de Yale University uit de Verenigde Staten publiceren hun bevindingen vrijdag in het tijdschrift Current Biology.

Het schild van de schildpad is bijzonder omdat het is opgebouwd uit zo'n 50 botten. Schildpadden zijn de enige dieren die een schild vormen door de ribben met de ruggengraat te laten vergroeien met daaroverheen hoornplaten.

Andere gewervelde dieren met een schild vormen dat alleen van hoornachtige schubben aan de buitenzijde van het lichaam.

Beschermend schild

Gewervelde dieren, zoals zoogdieren en hagedissen, gebruiken de ribben ook om de longen vrij te houden en te ademen.

Een schildpad heeft de ribben omgevormd tot het beschermende schild en heeft dus een andere manier moeten vinden om te ademen. In dit geval met behulp van een soort gespierde 'draagdoek' of 'tilband'.

De voorheen oudst bekende schildpadfossielen zijn één van zo’n 215 miljoen jaar oud en één uit China van 220 miljoen jaar oud. Deze hadden respectievelijk een volledig ontwikkeld schild en een deels ontwikkeld dekschild, maar wel een volledig ontwikkeld borststuk.

Verbrede ribben

De Eunotosaurus zet de ontwikkeling naar de schildpad nog eens 40 miljoen jaar terug. Het dier had negen verbrede ribben die alleen in schildpadden te vinden zijn.

En, net als bij latere schildpadden, had het dier geen tussenribspieren tussen de ribben. Verder had Eunotosaurus geen andere overeenkomsten met de Chinese schildpadvoorloper en latere schildpadden.

Vervolgonderzoek gaat zich vooral richten op verschillende andere aspecten van het ademhalingssysteem. Dit systeem ontwikkelde zich in combinatie met het schild waardoor de evolutionaire ontwikkeling beter in te vullen is.