De vorming van sluierwolken wordt beïnvloed door menselijke activiteit waarbij metaaldeeltjes vrijkomen, of minerale stof. 

Dat schrijft een Amerikaans wetenschapsteam van MIT en de National Oceanic and Atmospheric Administration deze week in het tijdschrift Science

Sluierwolken, of cirrus-wolken, bevinden zich tussen de zes en twaalf kilometer hoogte in de atmosfeer en zijn vanaf de aarde meestal niet te zien door lager hangende bewolking. Ze ontstaan door ijs dat neerslaat op rondzwevende deeltjes.

Deze wolken bedekken ongeveer een derde van de aarde en ze hebben invloed op het klimaat doordat ze zonlicht reflecteren wat voor afkoeling zorgt, maar aan de andere kant houden de cirruswolken ook warmte vast.

Aerosolen

Het team onderzocht gedurende negen jaar wat de voornaamste stoffen zijn waar de wolken zich rond vormen. De meeste wolkdeeltjes vriezen op rond twee soorten deeltjes: minerale stof of stofdeeltjes van metalen, ook wel aerosolen.

Opvallend genoeg misten er ook bepaalde deeltjes waarvan vermoed werd dat ze te maken hebben met wolkvorming, waaronder roet. Deze deeltjes werden vrijwel niet ontdekt in deze hoge luchtlagen.

De wetenschappers voerden hun onderzoek uit door tussen 2002 en 2011 vliegtuigen de lucht in te sturen met speciale meetapparatuur op de neus van het toestel. Daarna vlogen ze met de toestellen door cirruswolken boven Centraal- en Noord-Amerika heen.

Als het toestel dan door een wolk vloog, kwamen de ijsdeeltjes die de wolk vormen in de meetapparatuur terecht. Direct na het binnenkomen, dooide het ijs en bepaalde de apparatuur wat voor deeltje zich in de kern bevonden.

Woestijnen

Meer dan 60 procent van de wolkdeeltjes bleek te bestaan uit minerale stof en metallische aerosolen. Minerale stof komt in de atmosfeer door stofstormen in de woestijnen bijvoorbeeld, maar is de afgelopen decennia waarschijnlijk toegenomen doordat menselijk handelen voor veel bodemerosie zorgt.

De metallische deeltjes zijn voor het overgrote deel afkomstig van menselijke activiteit. Veelvoorkomende metalen waren lood, zink en koper. Het lood is nog een overblijfsel van de gelode benzine die vroeger in auto’s gebruikt werd en nu nog in kleinere vliegtuigmodellen die nog steeds lood in de brandstof gebruiken.

Vreemd genoeg zaten er vrijwel geen roetdeeltjes en organische verbindingen tussen de wolkmakers, zoals sporen van schimmels of bacteriën, dit in tegenstelling tot wat experimenten in laboratoria zouden doen vermoeden.

Deze nieuwe informatie zorgt weer voor een klein stukje van de ingewikkelde puzzle die klimaatonderzoek is, aldus de onderzoekers.