Kinderen met gedragsproblemen zoals agressie en wreedheid tegenover leeftijdsgenoten, vertonen verminderde hersenactiviteit wanneer ze worden geconfronteerd met pijn van anderen.

Dat schrijven Britse psychologen in het nieuwste nummer van Current Biology.

Ze legden een groot aantal kinderen met de genoemde gedragsproblemen in de MRI-scanner en maten daar hun respons op 196 foto's van leeftijdsgenootjes die duidelijk pijn hadden of juist niet. Hetzelfde deden ze met kinderen zonder dit soort gedragsproblemen.

De moeilijke kinderen bleken bij het zien van de pijnlijke plaatjes verminderde bloeddoorstroming te hebben in een aantal gebieden waarvan bekend is dat ze met empathie voor pijn te maken hebben: de bilaterale anteriore insula, de anteriore cingulate cortex en de inferiore frontale gyrus.

Deze verminderde activatie hing samen met de mate van hardvochtigheid, dus hoe minder activatie, hoe minder empathisch de kinderen in hun dagelijks leven waren. 

Bijsturen

Het is volgens de onderzoekers de uitdaging de kinderen met dit type gedragsproblemen dusdanig bij te sturen dat ze het niet tot psychopaat schoppen. Of dit bereikt kan worden door empathietraining of door andere eigenschappen aan te leren moet nog uitgezocht worden.

Overigens is het niet zo dat er zonder zo'n training geen hoop is voor dit soort moeilijke kinderen. Slechts een klein percentage van de ongevoelige kinderen wordt uiteindelijk een psychopaat en een zekere mate van ongevoeligheid kan ook goed van pas komen.

Onder mensen in een hoge functie bij de overheid of in het bedrijfsleven komen psychopathische trekjes relatief veel voor, waardoor het hen beter lukt om moeilijke maar soms onvermijdelijke beslissingen te nemen.