Walvissen zijn in staat om elkaar nieuwe jachttechnieken te leren, zo blijkt uit een nieuw wetenschappelijk onderzoek.

Ruim 40 procent van de bultruggen in de Golf van Maine maakt gebruik van een jachtmethode die voor het eerst in de jaren tachtig werd waargenomen bij enkele individuen.

Daarmee is aangetoond dat walvissen net als mensen van elkaar kunnen leren, zo melden onderzoekers van de Universiteit van St. Andrews in het wetenschappelijk tijdschrift Science.

Bij de bestudeerde jachtmethode slaan bultruggen met hun staart op het water, waardoor er een groot aantal luchtbelletjes ontstaan. Vermoedelijk raken vissen in hun omgeving daardoor in de war. De bultruggen kunnen deze prooien vervolgens gemakkelijk vangen. 

Sociaal netwerk

De techniek ontstond waarschijnlijk toen haringen – de favoriete prooi van walvissen – begin jaren tachtig in aantal begonnen af te nemen en de dieren zich met andere vissen moesten voeden. 

Door een analyse van observaties in de Golf van Maine gedurende een periode van 27 jaar stelden de wetenschappers vast dat de nieuwe jachtmethode inmiddels door 40 procent van alle walvissen in het gebied wordt gebruikt. 

De verspreiding van de jachtmethode bleek ongeveer gelijk te lopen met het netwerk van sociale relaties van de bestudeerde walvissen in het gebied.

Cultuur

Volgens hoofdonderzoeker Luke Rendell tonen de onderzoeksresultaten aan dat walvissen de jachtmethode van elkaar kopiëren. De dieren hebben volgens hem zelfs een eigen ‘cultuur’.

"Onze studie laat zien hoe de verspreiding van cultuur plaatsvindt in walvissenpopulaties", verklaart hij op nieuwssite ScienceDaily.com. "Ze leren elkaar niet alleen hun beroemde gezang, maar ook voedingstechnieken waarmee ze zich kunnen aanpassen aan een veranderende ecologie."