De prehistorische stenencirkel Stonehenge bij Amesbury deed in de steentijd dienst als graf. Dat blijkt uit een nieuwe, omvangrijke wetenschappelijke studie.

Stonehenge was waarschijnlijk geen zonnekalender of astronomisch observatorium zoals vaak wordt aangenomen, maar een begraafplaats.

Bij het prehistorische monument zijn de resten gevonden van zeker 63 verschillende individuen, waaronder mannen, vrouwen en een baby.

Deze mensen werden waarschijnlijk al rond 3000 voor Christus begraven bij een kleine stenencirkel, ongeveer vijfhonderd jaar voordat Stonehenge in zijn huidige vorm verrees. Dat meldt een onderzoeksteam onder leiding van archeoloog Mike Parker Pearson van het University College in Londen in een documentaire van Channel 4.

Botfragmenten

Parker Pearson deed in samenwerking met wetenschappers van verschillende universiteiten jarenlang onderzoek naar de historie van Stonehenge. Hij bestudeerde de stenen, maar ook 50.000 gecremeerde botfragmenten die zijn opgegraven bij het prehistorische monument. 

Deze menselijke resten werden lange tijd afgedaan als 'onbelangrijk', ze zouden niets te maken hebben met de stenencirkel.

Volgens Parker Pearson waren de mensen die bij de stenencirkel werden begraven echter zeer belangrijk in hun tijd. Hij vermoedt dat het ging om een machtige familie. "Het is duidelijk dat het mensen waren met aanzien", verklaart hij in de Britse krant The Guardian

De eerste graven werden gemarkeerd door een cirkel van kleine stenen, met een doorsnede van 91 meter. Rond 2500 voor Christus werd op deze plek de huidige stenencirkel gebouwd, waarna er nog meer mensen zijn begraven.

Monument

Volgens Parker-Pearson moet Stonehenge dan ook worden gezien als een begraafplaats voor mensen uit een hogere klasse. Mogelijk werd de stenencirkel gebouwd als grafmonument voor deze belangrijke familie, om zo de bewoners van het hele Britse eiland te verenigen.

Bij de bouw hielpen waarschijnlijk vele duizenden mensen mee. Opgegraven tanden en botten van dieren suggereren dat de prehistorische bouwvakkers met paarden, ezels en andere dieren vanuit alle hoeken van het huidige Groot-Brittannië naar Stonehenge reisden.

Waarschijnlijk werden veel van deze dieren geslacht tijdens grote feesten die in het midden van de zomer en winter werden gegeven bij de stenencirkel. "In die tijd bracht je geen fles wijn mee naar een feest, maar een dier", aldus Parker Pearson.