Primitieve krokodillen voedden zich waarschijnlijk met babydinosaurussen, zo blijkt uit een nieuw wetenschappelijk onderzoek.

Amerikaanse wetenschappers hebben in Utah verschillende fossielen van jonge dinosauriërs gevonden met bijtsporen van crocodylomorpha, een soort primitieve krokodillen.

In één van de gefossiliseerde botten zat zelfs een afgebroken tand van een krokodillen-voorouder. Dat schrijven de onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift PLOS ONE.

Het gaat om fossielen van baby's van een nog onbekende dinosauriërsoort die behoorde tot de groep ornithopoda.

Zorgen

De jonge dieren waren waarschijnlijk hooguit 2 meter lang toen ze werden aangevallen. De primitieve krokodillen hadden ongeveer dezelfde lengte.

Volgens hoofdonderzoeker Clint Boyd van de Universiteit van Iowa is de vondst zeer opmerkelijk omdat tot nu toe werd aangenomen dat dinosauriërs weinig te vrezen hadden van andere soorten. 

"Het traditionele idee is dat babydinosaurussen die net uit het nest kwamen zich alleen zorgen hoefden te maken om grote dinosauriërs, zoals de T-rex", verklaart hij op nieuwssite ScienceDaily. "Maar nu blijkt dat de dominante crocodylomorpha de baby’s ook aanvielen, dus het gevaar kwam van meer kanten."

Actie

Het is voor het eerst dat er bewijs is gevonden voor interactie tussen primitieve krokodillen en jonge dinosauriërs. "Het gebeurt niet vaak dat je actie-gerelateerde gebeurtenissen kunt terugvinden in fossielen", aldus Boyd.

"Waarschijnlijk moeten we aannemen dat er veel vaker interactie plaatsvond tussen crocodylomorpha en babydinosaurussen, maar daar is nog geen fossiel bewijs voor."