AMSTERDAM - Japanse wetenschappers hebben aangetoond dat een specifieke soort inktvis ruim dertig meter kan overbruggen door de lucht.

De inktvissen van de soort Ommastrephes bartramii torpederen zichzelf de lucht in door een grote hoeveelheid water in hun mantel te pompen, dat met grote kracht naar buiten te persen en vervolgens hun vinnen als vleugels uit te slaan.

De dieren kunnen een afstand van ruim 30 meter overbruggen boven het wateroppervlak en bereiken een topsnelheid van 11,2 meter per seconde. 

Dat schrijven Japanse wetenschappers in het wetenschappelijk tijdschrift Marine Biology.

Aërodynamisch

De onderzoekers observeerden een school van inktvissen in de Stille Oceaan, zeshonderd kilometer voor de kust van Tokio. Tientallen van de dieren sprongen meerdere keren uit het water.

Vanuit hun boot konden de wetenschappers met camerabeelden nauwkeurig in kaart brengen welke techniek de inktvissen gebruikten om zichzelf te lanceren.

"Ze springen niet zomaar uit het water, maar nemen daarbij een goed ontwikkelde vlieghouding aan", verklaart hoofdonderzoeker Jum Yamamoto op nieuwssite Physorg.com. "De vinnen en het web tussen de armen van de inktvis zorgen voor een aërodynamische opstijging, waardoor de dieren stabiel in de lucht hangen."

De vliegende inktvissen bleven volgens de wetenschappers gemiddeld drie seconden in de lucht hangen.

Zeevogels

Het is al langer bekend dat inktvissen soms kleine afstanden door de lucht overbruggen. 

"Er waren geruchten en verschillende ooggetuigenverslagen, maar niemand had nog opgehelderd hoe de dieren het precies voor elkaar krijgen", aldus Yamamoto.

"Deze bevinding betekent dat we inktvissen nu niet meer moeten beschouwen als dieren die alleen in de dieptes van de oceaan leven", aldus de wetenschapper. "Het is goed mogelijk dat ze ook een bron van voedsel vormen voor zeevogels."