AMSTERDAM - De toevallige ontdekking van een honderd miljoen jaar oud fossiel bos laat zien hoe de wereld eruit zag op de plek waar nu Antarctica ligt.

Paleontologen van de Monash University uit Australië ontdekten de fossiele resten van het bos bij toeval: ze waren eigenlijk bezig met onderzoek naar fossiele botten.

De vondst werd gedaan op de Chathameilanden. Die eilandengroep ligt zo'n 865 kilometer ten oosten van Nieuw Zeeland.

Het materiaal werd ontdekt in een bewaarde rotsformatie en bestaat uit gefossiliseerde grote bomen in hun originele stand, bloeiende planten, zaadkegels en vreemde insecten. Voor zover bekend zijn het de oudste overblijfselen van leven dicht bij de huidige Zuidpool tijdens het Krijt, een tijd met zeer hoge concentraties broeikasgassen.

Onbekend leven

Een van de wetenschappers, Jeffrey Stilwell, legt uit dat de fossielen een beeld scheppen van voorheen onbekend leven tijdens het Krijt waarin een groot deel van de zuidelijke continenten nog samengevoegd waren als onderdeel van de grote landmassa Gondwana.

"Honderd miljoen jaar geleden was de concentratie broeikasgassen heel hoog, met daardoor extreme hitte en vrijwel geen ijs (behalve in de hele hoge gebieden) en het zeeniveau stond zo'n 200 meter boven dat van vandaag," legt Stilwell uit.

"Ook op de breedtegraden waar nu Antarctica ligt, stonden regenwouden. Het bijzondere aan deze wouden was dat ze aangepast waren aan zomers waarin het vrijwel niet donker werd en winters waarin de zon zich niet liet zien."

Extreme omstandigheden

"De ontdekking getuigt van een heel ander ecosysteem ongeveer honderd miljoen jaar geleden en laat zien wat voor strategieën deze planten en dieren gedurende hun evolutie hebben ontwikkeld om deze extreme broeikasomstandigheden aan te kunnen, naast maanden van afwisselend licht en duisternis."

Hoewel er geen directe vergelijking kan worden getrokken naar nu, zijn de inzichten van het leven op aarde in het verleden onder extreme broeikasomstandigehden interessant voor aanwijzingen over hoe planten en dieren zich mogelijk aanpassen aan de opwarming van de aarde in de toekomst.