AMSTERDAM - De leeftijd waarop een moeder in de overgang komt, kan voorspellen hoe snel de voorraad eicellen van haar dochter af zal nemen. Dat heeft directe gevolgen voor de vruchtbaarheid van de dochter.

Dit schrijven Deense onderzoekers in Human Reproduction.

Het was al bekend dat de leeftijd waarop een vrouw in de overgang komt voor ongeveer de helft erfelijk bepaald is. Moeders die vroeg in de overgang raken, namelijk voor de 45 jaar, krijgen vaak dochters die zelf ook eerder in de menopauze komen.

Nu blijkt welke gevolgen dit heeft voor de vruchtbaarheid van de dochters lang vóór de overgang inzet: hun eicelvoorraad krimpt snel tussen ongeveer hun 25ste en 40ste levensjaar, namelijk met zo’n 6 tot 9 procent per jaar.

Bij dochters van moeders die in de menopauze komen op een normale leeftijd, namelijk tussen de 45 en 55 jaar, slinkt de eicelvoorraad met 5 tot 7 procent per jaar.

Rijpen

Dochters van moeders die laat in de overgang raken, na de 55 jaar, verliezen slechts 3 tot 4 procent van hun eicellen per jaar. Vrouwen worden geboren met miljoenen eicellen in hun eierstokken, waarvan er slechts enkele honderden rijpen gedurende hun leven.

Zo’n 20 jaar vóór de overgang, begint de voorraad eicellen snel te krimpen en daalt de vruchtbaarheid van de vrouw. Een vrouw die op haar 45ste in de overgang komt, wordt dus al rond haar 25ste minder vruchtbaar.

Hoe lang een vrouw vruchtbaar blijft, is echter niet alleen afhankelijk van het aantal eicellen in voorraad maar ook van de kwaliteit van die eicellen. De leeftijd waarop de moeder in de overgang komt, kan dus niet 1-op-1 voorspellen op welke leeftijd de dochter onvruchtbaar wordt.

De Deense onderzoekers schatten de voorraad eicellen van 527 vrouwen aan de hand van twee standaard methoden. Ze maten de hoeveelheid anti-Müller hormoon (AMH) in het bloed. En ze bepaalden met een echo het aantal blaasjes met rijpe eicellen, follikels geheten, in de eierstokken.