TOKIO - Het internationale ruimtestation ISS is donderdag voor het eerst zelf gebruikt als een lanceerbasis.

Vijf kleine, experimentele satellieten werden losgelaten van het complex. Ze zweefden weg en kwamen in een eigen baan rond de aarde.

De satellietjes zijn slechts enkele centimeters groot. Ze zijn vooral bedoeld om nieuwe technieken te testen. Over ongeveer 3 maanden verbranden ze in de dampkring.

Het onbemande Japanse ruimtevrachtschip Ooievaar 3 bracht de satellietjes in juli naar het ISS, waar ze tijdelijk werden vastgemaakt aan de buitenkant van het ruimtestation.

Satellieten worden goedkoper, en daarmee toegankelijker, als ze kunnen meeliften met een vrachtschip dat toch al naar het ISS gaat. Ze hoeven dan niet langer met een eigen raket naar de ruimte te worden gebracht.