AMSTERDAM - Al sinds de Romeinse tijd draagt de mens bij aan de uitstoot van het broeikasgas methaan en dat is veel eerder dan tot nu toe bekend was.

Dat schrijven onderzoekers van de Universiteit Utrecht en SRON deze week in het tijdschrift Nature.

Lang werd gedacht dat de mens pas sinds de Industriële Revolutie bijdraagt aan de uitstoot van het sterke broeikasgas methaan.

Door luchtbelletjes te verzamelen die in oude lagen poolijs gevangen zitten, is het mogelijk om aan stukjes gevangen oude lucht te komen.

Vingerafdruk

De onderzoekers kunnen dan met een speciale techniek de eigen ‘vingerafdruk’ van het methaan bepalen. Aan de hand daarvan is te zien of het van natuurlijke bronnen afkomstig is of dat het door verbranding van biomassa in de atmosfeer is terecht gekomen.

Célia Sapart, een van de onderzoekers, vertelt dat onderzoek in de afgelopen tien jaar al wel aanwijzingen opleverde dat de verbranding van biomassa, zoals kool en hout, door mensen mogelijk al in de Middeleeuwen voor verhoogde methaanuistoot zorgde.

Nu blijkt dat de uitstoot van methaan al zeker tweeduizend jaar beïnvloed wordt door menselijke activiteit.

Methaan komt op verschillende manieren in de atmosfeer. het ontstaat in natte grond, zoals moerassen, het wordt gevormd bij de verbranding van biomassa en fossiele grondstoffen en het kan vrijkomen uit moddervulkanen.

Uniek

“Iedere bron verraadt zichzelf door zijn eigen unieke vingerafdruk,” legt Sapart uit. “Daarbij is de verhouding tussen gewoon methaan en zijn stabiele koolstofisotoop (methaan waarin het koolstofatoom één neutron meer heeft en dus een fractie zwaarder) uniek. Met onze techniek kunnen wij de isotoopverhouding veel nauwkeuriger bepalen dan tot nu toe mogelijk was.”

De onderzoekers legden de uitstoot van methaan per bron naast andere gegevens over deze periode, zoals klimaat, omvang van de bevolking en landgebruik. Daaruit komen enkele perioden naar voren waarin de uitstoot van methaan door verbrande biomassa groter was.

Metingen

De metingen beginnen op het hoogtepunt van het Romeinse Rijk. Dat blijkt ook uit grote hoeveelheden methaan. Daarna neemt de uitstoot af naarmate het Romeinse Rijk verder in verval raakt. Tijdens de bevolkingsgroei in de Middeleeuwen neemt de hoeveelheid methaan weer toe.

Door de data naast bekende gegevens over het gebruik van landbouwgrond te leggen, is een verband te zien tussen de uitstoot van methaan en de hoeveelheid gebruikte landbouwgrond.